Home >> Artikelen >> "De kunst van het sorteren"

Artikelen

De zoektocht naar het optimaal uitponden van de bomen

"De kunst van het sorteren"

Een Verslag van de Commissie natuurlijke verjonging door Jasper de Groot, Nick WarmelinkJasprina Kremers
Gepubliceerd op . Er zijn geen reacties.

Op vrijdag 25 november organiseerde de Commissie Natuurlijke Verjonging een excursie over houtsortimenten. In de Rozendaalse bossen verzamelde zich een belangstellend gezelschap van beheerders, natuurliefhebbers en een grote groep aan studenten van Helicon MBO Velp, Hogeschool Van Hall Larenstein en de Wageningen Universiteit. Onder begeleiding van een houtinkoper vertrok deze gemêleerde groep op een missie: kennismaken met het vak van houtinkoper én het leren herkennen van houtsortimenten. Want wat valt er nu eigenlijk allemaal te halen uit al die jaren doordacht bosbeheer?

Op deze dag begeleidde excursieleider Jasper de Groot (houtinkoper bij Parenco Hout BV) het gezelschap door diverse opstanden in de bossen rond Rozendaal, gelegen op de zuidrand van het Veluws-massief. De bossen zijn bij de gemeente Rheden in beheer en de verkoop van het hout wordt verzorgd door Bosgroep Midden Nederland. Het gebied is zeer reliëfrijk en bestaat voornamelijk uit arme zandgronden met grof zand of fijn lemig zand. Hierdoor is het gebied zeer erosiegevoelig. Door zorgvuldig beheer en gerichte inzet van machines wordt erosie zoveel mogelijk voorkomen.

Met veel zorg heeft de beheerder van gemeente Rheden geselecteerd welke bomen er mochten worden omgezaagd. Naast dit bleswerk is de beheerder óók verantwoordelijk voor het in detail uitwerken van de blesgegevens voor de houtinkoper en de (door de houtinkoper ingehuurde) aannemer die de exploitatie zal uitvoeren. Maar hoe gaat het nu verder als de keuze voor de te vellen bomen eenmaal is gemaakt en de blessen op de bomen zijn aangebracht? Het grote animo voor deze excursie suggereert dat veel studenten bos- en natuurbeheer en professionals uit het werkveld zich nog onvoldoende onderwezen voelen wanneer het aankomt op deze fase van het beheer.

Van beheerder naar exploitant

In de bezochte opstanden was Parenco Hout BV de opkopende partij. Vaak krijgen meerdere partijen de mogelijkheid om het hout te kopen. De set aan criteria waarop de beheerder zijn afnemer kiest is vaak breder dan de prijs alleen. Hoewel het leveren van een zorgvuldige aanpak wellicht gepaard gaat met een wat lagere prijs (door hogere kosten voor arbeidsintensievere exploitatie) wordt er wel op een andere manier winst geboekt doordat schade in de vorm van bijvoorbeeld bodemverdichting door machines of schade aan overblijvende bomen wordt voorkomen. Voorafgaand aan de verkoop loopt de houtinkoper op uitnodiging van de beheerder door het bos en maakt hij een inschatting van de kwaliteit van het te oogsten hout. De beheerder zal in zijn of haar uitnodiging de bijzonderheden van de gebleste opstanden benoemen. Dit kan bijvoorbeeld gaan over aanwezige flora- en fauna-elementen of over specifieke wensen die gelden voor de exploitatie. Door deze bijzondere voorwaarden mee te nemen in de calculatie van de kosten voor het uitvoeren van de werkzaamheden kan de houtinkoper tot een goed onderbouwde prijs voor de aanbesteding komen. Wanneer dit proces is afgesloten en de koop is gesloten, dan kan de houtinkoper samen met een bosaannemer overgaan tot de daadwerkelijke velling.

Sortimenten

Met een eindeloze variatie in dichtheid, dikte, kleur, kwaliteit en vorm is hout een divers product. Door de grote verscheidenheid in eigenschappen leent hout zich als grondstof voor vele toepassingen. Denk bijvoorbeeld aan sluisdeuren, huizenbouw of papier. In de stam van één enkele boom zijn al verschillende kwaliteitstypen hout te vinden, die ieder voor specifieke doeleinden kunnen worden gebruikt. Deze verschillende kwaliteitstypen worden sortimenten genoemd. Wanneer een houtinkoper door een opstand loopt ‘leest’ hij of zij de sortimenten in de gebleste bomen en wordt een inschatting gemaakt van de te exploiteren opstand in zijn geheel. Dit proces wordt ook wel het uitsorteren genoemd. Hierbij kijkt de houtinkoper naar de rechtheid en vitaliteit van de stam. Een kaarsrecht, takvrij stamdeel heeft een hoge kwaliteit en kan als een sortiment van hoge kwaliteit verkocht worden. Als een stam van onderen recht is maar later gaat kronkelen kan de stam in twee delen worden gesplitst, waarbij het rechte deel als hogere kwaliteit wordt verkocht dan het kronkelende deel. Ook kijkt de houtinkoper naar of er bijvoorbeeld zwammen of schimmels op de stam zitten en of er scheuren in de bast aanwezig zijn. Dit zijn indicatoren dat de vitaliteit van de boom slechter is, waardoor ook het hout van mindere kwaliteit kan zijn. Een houtkoper kan immers aan een staande boom niet zien of bijvoorbeeld de kern van de stam verrot is. “Het risico van het vak” zou men kunnen zeggen. Door kritisch naar de uiterlijke vitaliteitskenmerken van de boom te kijken kan hiervoor een verwachting worden opgemaakt en kan hier bij het uitsorteren rekening mee worden gehouden. Enkele voorbeelden van sortimenten zijn fineerhout, zaaghout, profielhout, OSB (Oriented Strand Board), vezelhout en biomassa. Fineerhout is hout van de hoogste kwaliteit, het wordt voornamelijk gebruikt voor interieurtoepassingen. Zaaghout is ook kwalitatief hoogwaardig hout. Dit zijn rechte stammen waaruit bijvoorbeeld balken en palen voor constructie worden gehaald. Profielhout wordt gebruikt voor bijvoorbeeld emballage, planken en als kisthout. OSB en vezelhout worden uit kromme stukken stam gehaald, die vervolgens tot chips of vezels worden verwerkt. Vezelhout wordt gebruikt voor de papierindustrie en plaatindustrie (bijv. voor spaanplaat). Biomassa wordt onder andere gebruikt voor energieopwekking en wordt voornamelijk gehaald uit tak- en tophout (soms wordt ook vezelhout gebruikt als biomassa).

Elk deel van de boom wordt zo optimaal mogelijk benut. Zo worden voor biomassa vooral takken gebruikt die afkomstig zijn van kaal- of omvormingskappen. Dit heeft tot doel de bodem vrij te maken van obstakels voor de aanplant van de nieuwe generatie, of het ‘verschralen’ van de bodem om een verandering in groeiplaats te creëren. Het kwalitatief meest hoogwaardige onderdeel van de boom bevindt zich onderin, vooral bij naaldhoutsoorten zoals douglas (Pseudotsuga menziesii) en lariks (Larix spec.). De boom heeft hier vaak een rechte en takvrije stam waarvan prachtige balken en planken kunnen worden gezaagd.

De eigenschappen van het hout zijn voor iedere boomsoort anders. Dit is van invloed op de oogstbare sortimenten. Waar het hoge soortelijke gewicht en de rechte stamgroei van de douglas resulteert in mooi zaaghout, worden snelgroeiende soorten als populier (Populus spec.) vaak gebruikt in de verwerking tot papier. Naast kennis over de kwaliteiten van verschillende boom- en houtsoorten moet de houtinkoper ook op de hoogte zijn van de houtmarkt, sortimentseisen van iedere afnemer en het bijbehorende productieproces. Voor de houtinkoper is het de kunst om in elke stam de meest optimale sortimenten te herkennen en zo te laten zagen dat het geschikt is voor de specifieke eisen van de klant of afnemer.

Kwaliteit en prijs

Hoe hoogwaardiger de toepassingen, hoe hoger de kwaliteitseisen die aan het hout worden gesteld. Hierbij spelen criteria als rechtheid van de stam, afwezigheid van knoesten en gelijkmatigheid van de jaarringen een belangrijke rol. Omdat kwaliteitshout, vooral fineerhout, relatief schaars is en (in eerste instantie) wordt toegepast in hoogwaardige producten met een lange levensduur, wordt hier in de regel ook meer voor betaald. Als een kwalitatief zeer hoogwaardige stam met fineerpotentie zich in de opstand bevindt wordt deze vaak gewoon met de bulk mee verkocht. Het kan voor de beheerder echter financieel interessant zijn om deze specifieke stam zelf te oogsten, zonder tussenkomst van de houtinkoper, en ter veiling aan te bieden op de Nederlandse Rondhoutveiling.

De meeste bosbeheerders sturen in hun beheer vooral op het produceren van hoogwaardig zaaghout met bijbehorende hogere opbrengsten. Er zijn echter recente ontwikkelingen die hier wellicht verandering in kunnen brengen. Momenteel wordt er bijvoorbeeld kwalitatief hoogwaardig hout geschaafd tot houtkrullen om toe te passen als bodembedekker in paardenstallen. Zonde van de gemaakte investeringen, zouden veel beheerders zeggen. Aan de andere kant zijn er ook veel beheerders die zich makkelijker neerleggen bij een veranderende bestemming van hun hout. In theorie zouden deze marktontwikkelingen en trends in houtgebruik van invloed kunnen zijn op hoe bossen worden beheerd. De vraag is of beheerders in deze verandering kunnen sturen, en of zij dit überhaupt zouden (moeten) willen.

De hoogste bieder

Het lijkt voor de hand liggend dat de beheerder denkt; ik moet de houthandelaar hebben die het best een boom kan ‘uitkleden’, en die mij de beste prijs biedt. Er moet immers geld worden verdiend om het bos te kunnen blijven beheren in een tijd met minder financiële steun van de overheid in de vorm van subsidies. Hier kunnen, en moeten, echter kanttekeningen bij worden geplaatst. Een inkoper die een hoge prijs biedt heeft namelijk kleine marges. Dit kan er voor zorgen dat deze inkoper minder tijd en ruimte heeft om zich aan te passen aan de wensen van de beheerder, en de specifieke omstandigheden van de exploitatie. De beheerder heeft de meeste baat bij een partner die het bos zo behandelt als zijn eigen achtertuin. Die aandacht besteedt aan bescherming van de bodem door de inzet van het juiste materieel, schade aan de blijvende opstand minimaliseert en overlast voor de recreant probeert te voorkomen. Natuurlijk is het belangrijk om een marktconforme prijs te krijgen, maar waarschijnlijk is de beheerder beter af met een aannemer die iets meer financiële ruimte heeft om de exploitatie voor elke partij tot een goed einde te brengen. Denk daarom goed na over degene die in uw achtertuin bezig is, stel de juiste eisen aan de exploitatie en kies niet ondoordacht altijd voor de hoogste prijs.

Reacties

Er zijn nog geen reacties.