Home >> Artikelen >> Gedichten van Jochem Borgesius

Artikelen

Gedichten van Jochem Borgesius

Een Rijm van Jochem Zuiderveen Borgesius
Gepubliceerd op . Er zijn geen reacties.

Motto: “Met het algemeen belang als voorwendsel kan men gaan waar men wil.”
Napoleon Bonaparte

Een zo niet belerend, dan toch betogend gedicht in acht terzinen + één kwatrijn van vijfvoetige jamben, in geschakeld rijm

Beleidscategorieën zijn er veel De EHS, gebiedsbeleid, de KRW: Het hoofd loopt ons soms om: complex, zo veel.

De lijst is lang niet vol: zie NSW En andere. De overheid die waakt Zo over het algemeen belang. Daarmee

Wordt wel het eigen belang geraakt Van bezitters, elk apart. Dat strijdt Soms. Het algemeen belang dat maakt,

Al gauw dat men kan gaan, Napoleon die zei't, Naar waar men wil. Want wíe kan onderscheiden Dan tussen wat een groep eens aardig vindt,

En waar het algemeen zónder zou lijden? Hé, geen programma Landschap met een lint, Geen plannen Recreatie, Bos daar nog bezijden.

Wat de één beschouwt als hobby, wind, Bekijkt een tweede als onmisbaar voor De maatschappij, als aller troetelkind.

Nu ja, soms móet je van de wet, soms hoor Je goede argumenten. Eigenaars Die worden méé gestuurd, ja echt waar, door

Subsidies. Die bepalen mee welk waars Voor iemand geldt. Je kunt alleen verliezen Als je vindt dat een keuze je te zwaar 's.

Het existentialisme zegt: niet kniezen; Je kúnt niet vluchten, wachten, zachtjes dromen. Je móet beslissen, tot een keuze komen. Je kúnt, je móet, je zúlt, je gáat dus kiezen.

Balladette op natuurschoon en werk in het bos

Je ziet het bos, je hoort de vogels zingen, En soms '€™t geraas van motorzaag of -maaier: En daardoor ook gedijen kruiden, struiken. In licht en lucht gedijen kruiden, struiken. Ja, zonder boswerk blijft een bos echt saaier.

Je zag hoe blad'€™ren kwamen, later gingen, De bloesems, vruchten, kleuren maakten 't fraaier. In wiss'ling welken, kiemen en ontluiken. Ja, zonder boswerk blijft een bos echt saaier.

Je liefde kan de schoonheid zien verspringen Naar gebruik van "€˜t bos en naar de waaier Van allerhande vorm van hout gebruiken. Ja, zonder boswerk blijft een bos echt saaier.

Natuur, machine, menselijke dingen: Je kunt het zien, het horen en het ruiken. Ja, zonder boswerk blijft een bos echt saaier.

Genieten van het bos

De geur van aarde, humus, hout, Van bomen, bloemen, joggers, werkers: Je ruikt van alles in het bos, ook rook

Van brandstof, olie, 'n hete bout. Je hoort de wind en nog wat sterkers: Je hoort soms zagen, en machines ook.

Het lieflijke heerst meestentijds, Maar heeft het werk van node. Bezoek wil rust en vree, och arme:

Want naast gezichten nauw of wijds, Naast kleuren en de geuren als bode Van '€˜t schoon, heeft ook het boswerk charme.

Over bos en biodiversiteit

Menig bos staat te kijk Als aan soorten niet zo rijk.

Maar is dat een verschil met heide? Of met natuurbeheerde weide?

En dan, aan de andere kant, Heeft niet elk bos een rand

Of wat? Langs beek of sloot of akker, Of anders nog? Zo wordt je wakker

Over de soorten in getallen Die je wel móeten bevallen.

Maar zo'€™n rand is er niet zónder bos. Die bestaat echt niet zo maar, los!

En als de bossen er niet waren, Zou je veel soorten als zeldzaam ervaren!

Vijfvoetige iamben

Het spelen in het bos is voor een kind Iets dat het gauw en graag geweldig vindt. Hij wil er kunnen springen, klimmen, hollen, Een hutje bouwen, zwaaien, kopje rollen. Hij moet eens van de wegen en de paden En niet zich op de hals hoeven laden De sancties van een handhavende persoon. Er móet natuurlijk orde zijn, gewoon. Maar ruimt"€™ en vrijheid, schoonheid erg van node Om niet 't plezier en groei van '€˜t kind te doden.

De bosbouwkunst is, als verwacht, alweer Niet óf naast óf, maar naast elkaar: gebalanceer.

ZWITSERS SONNET

Aaba bbab cde edc, Vijfvoetige iamben

Een goed bos noodt een kind al gauw tot spelen. Dat gold voor mí­j althans, en meer nog, velen. De ruimte, de vrijheid, wisseling, zij zetten Je aan tot hollen, verstoppen, vreugde delen.

Voor spelen én voor schrijven van sonnetten: De ware vrijheid luister naar de wetten. Want regels moeten bandeloosheid helen, Dus op het juiste evenwicht te letten!

Gerén, gehuppel, hutten bouwen: goed. Maar bomen, hakken, armen breken: nee! De maat blijft nodig. Wie ziet toe? Je pa?

Een ambtenaar met strepen? Of toch ma? En dan, beheerders zitten er wat mee: Een tak, een hut, een snee; dat kán en móet.

Reacties

Er zijn nog geen reacties.