Home >> Artikelen >> Van oude lanen en hoge varens

Artikelen

Verslag van 17 september 2015

Van oude lanen en hoge varens

Een Verslag van Kijken bij collega's door Kees van Vliet
Gepubliceerd op . Er zijn geen reacties.

In de serie Kijken bij Collega's zijn we 17 september te gast bij Natuurmonumenten op het landgoed De Bijvanck te Beek (Montferland). Beheerder Erwin Grob heet ons welkom en neemt ons mee langs de uitdagingen waarmee hij in dit bijzondere bosgebied wordt geconfronteerd.

Het landgoed, waarvan de geschiedenis teruggaat tot de 14e eeuw, is ongeveer 100 ha groot. Natuurmonumenten kocht het bosgebied in 1984 van de Stichting Huis Bergh. Het landhuis met enkele weilanden is nog eigendom van Stichting Huis Bergh. Het bos bestaat voor een groot deel uit oud eikenbos (aangeplant rond 1900). Er zijn ook percelen met naaldhout die geleidelijk worden omgevormd. De standplaats is vochtig tot nat en voedselrijk (leem). Bijzondere elementen zijn de rijke bodemflora en de kruisende oude lanen en zichtlijnen. Over de historie van het gebied doen veel (onbevestigde) verhalen de ronde, met een motteburcht en tempelridders als smaakmakers. De Bijvanck ligt opgesloten tussen drukke wegen en trekt geen grote aantallen bezoekers.

Een deel van het bos heeft een natuurdoelstelling en was oorspronkelijk aangewezen als bosreservaat. De spontane ontwikkeling leidde echter tot het verdwijnen van de rijke bodemflora en tot een eenzijdige samenstelling van de boomlaag ('verbeuking'). Daarom is besloten toch weer te gaan ingrijpen in de bosontwikkeling. Dat betekent dus keuzes maken in het beheer. Een van de speciale kenmerken van het gebied is dat het deels vrij nat is door kwel uit het Bergherbos. Dat biedt kansen voor bijzondere flora en fauna maar zorgt er ook voor dat boswerkzaamheden van enige omvang alleen in een echte winter met vorst uitgevoerd kunnen worden. Dat doet zich voor bij het weghalen van oude populieren en Amerikaanse eiken om groepsgewijze aanplant van inheemse soorten als eik en es een kans te geven. Maar ook bij ingrepen in de boomlaag van flinke beuken om de bodemvegetatie van o.a. bosanemoon en dalkruid te behouden en de ontwikkeling naar gemengd bos te bevorderen. In de natste delen van het bos zijn in het verleden rabatten aangelegd, waarschijnlijk bij de omvorming van hakhout en middenbos in opgaand bos. Dit is niet systematisch gebeurd zodat de afwatering van het gebied er niet veel beter van werd. Op deze natte percelen is het beheer erop gericht om weer essenhakhout terug te krijgen.

Een indringende uitdaging vormt de oprukkende adelaarsvaren in een deel van het gebied. Dit is op zich een natuurlijk proces, maar het neemt zodanige vormen aan dat waardevolle bodemvegetatie verdwijnt en dat natuurlijke verjonging geen enkele kans maakt. Zelfs bij aanplant van relatief groot plantsoen zijn nog flinke inspanningen nodig om de aanplant te laten slagen. Het beheer is er daarom op gericht om verdere uitbreiding van de varens een halt toe te roepen. Om een indruk te geven van de consequenties van deze beheerkeuze: naast de aanschaf van duurder plantsoen moet je 2x per jaar met de bosmaaier erdoor om de boompjes vrij te stellen, misschien wel 4 jaar lang. Hierbij worden ook vrijwilligers ingezet. Op De Bijvanck wordt ook doorgeplant met fijnspar om de varens te onderdrukken. Al met al een ambitieuze beheerdoelstelling die veel aandacht en een lange adem vergt.

De oude lanen op het landgoed vormen ook een interessante uitdaging voor het beheer. Soms vormen ze echte zichtlijnen, zoals naar de kerk van Didam, en kan opsnoeien van de laan deze functie nog versterken. Maar het is niet altijd duidelijk wat echt als laan een functie had en wat niet. In de loop der jaren neemt de vitaliteit af en vallen er bomen uit, waardoor de laanfunctie vermindert. Ook met het oog op de veiligheid voor personeel en bezoekers vergen de oude lanen veel aandacht. Bij beeldbepalende lanen, vanuit het landhuis op de kerktoren van Beek en de achtergelegen landbouwgrond, is nu besloten om tot totale verjonging over te gaan. Dat is een ingrijpende beslissing die de bosweg, de laanbeplanting zelf en een vrij te stellen zone van het aanliggende bos omvat. Die beslissing wordt goed voorbereid en ook besproken met de plaatselijke bevolking, om kritiek bij de uitvoering te voorkomen. Na de ingreep ziet het eruit als een flinke kaalslag, maar dit is nodig om weer een echte laan van de grond te krijgen. Een mooi voorbeeld van professioneel bosbeheer om de cultuurhistorische waarde van dit gebied te versterken.

Met dank aan Erwin Grob voor de openhartige gedachtenwisseling over het beheer van zijn gebied. En met dank aan Simon Klingen voor de organisatie en de prikkelende discussie bij deze aflevering van Kijken bij Collega's.

Reacties

Er zijn nog geen reacties.